Dit is het verhaal van mijn cliënte Mees (45). Mees is kunstenares, al kon zij fysiek makkelijk stoppen met roken, toch kampte zij jarenlang met haar verslaving. Het roken maakte haar bestaansangst draaglijk, dat moest zij leren loskoppelen.
Mees groeide op in Oud-Beijerland, een dorp waar lang werd vastgehouden aan oude tradities en gewoonten. Mees voelde zich anders. Zij was een creatief meisje met haar hoofd in de wolken waardoor ze er tijdens haar lagere school nooit echt bij hoorde. In groep acht speelde zij met kinderen van groep 4 omdat zij wel nog meegingen in haar fantasiewereld.
Alles veranderde toen Mees voor haar middelbaar onderwijs naar de grote stad ging (Rotterdam). Ze sloot zich al snel aan bij de naschoolse tekenschool en vond daar anderen die zich ook creatief wilden uiten. Het werd in die tijd bekend dat roken kankerverwekkend zou zijn en de directie van de tekenschool zou iedereen die betrapt werd op roken schorsen. Tijdens de lessen ontmoet zij Dina: de stoere meid met gescheiden ouders; voor die tijd best uitzonderlijk. Dina rookte stiekem en gebruikte ook wel eens drugs. Zij overtuigde Mees, die opkeek naar Dina en voor het eerst het gevoel had ergens bij te horen, in het geniep mee te roken. Samen gingen ze naar een verlaten parkeerplaats en daar rookte ze haar eerste sigaret. Voor het eerst voelde ze een speciale band met iemand van haar leeftijd.
Toen Mees in de puberteit kwam, ontdekte ze gaandeweg dat ze op vrouwen valt. In Oud-Beijerland kende zij geen enkele lesbische vrouw en in Rotterdam had ze er wel van gehoord maar nooit zo iemand ontmoet. Mees had toen nog niet in de gaten dat haar talent voor tekenen, gecombineerd met haar persoonlijkheid juist haar kracht zouden zijn als kunstenares. Zij deed er aanvankelijk alles aan om erbij te horen en haar geaardheid te verbergen. Ze sloot zich aan bij de populaire groep van de tekenschool, ging uit met jongens, en rookte net als iedereen in die groep mee. Ze kocht zelf elegante dunne sigaretjes en rookte die zo vrouwelijk mogelijk uit angst dat de groep haar ware aard zou ontdekken. Het roken werd een masker. Haar ouders en docenten wisten natuurlijk niet dat ze rookte, maar haar vrienden wel. Op haar manier deelde ze geheimen. Het roken werd een sociaal engagement. Even een sigaretje voor school, na school in het park en dan onderling trucs uitwisselen hoe je de geur kon verbergen voor je ouders.
Na de middelbare school werd Mees aangenomen op de koninklijke academie voor beeldende kunsten. Mees bloeide nog verder open. Ze mocht zijn wie ze was, zonder maskers en al vrij snel kwam ze uit de kast. Zonder moeite te doen, werd ze opgenomen in de groep. Iedereen was gelijk, populariteit was niet meer aan de orde. In die tijd leek iedereen (zowel docenten als leerlingen) wel te roken, voor, na en soms zelfs tijdens de lessen. Mees hoefde geen masker meer op te zetten en het roken werd meer en meer een moment van bezinning. Tijdens het roken werden de gesprekken dieper en gaf ze zich bloot. Voor het eerst in haar leven voelde ze zich gezien voor wie ze was, zonder zich druk te maken of dat dat oké was voor de ander. Liefdesverdriet en liefdesgeluk, slechte cijfers en goede cijfers, jeugdtrauma’s en gelukkige momenten, het werd allemaal besproken tijdens de rookpauzes voor de poorten van de academie of in het kunstcafé.
De jaren gingen voorbij, Mees ontwikkelde zich tot succesvol schilderes, getrouwd, en in de meest gelukkige periode van haar leven. Gaandeweg begon ze steeds meer de vervelende gevolgen van het roken te ondervinden. Keer op keer probeerde ze te stoppen met roken. Volgens expert zou na een week de fysieke verslaving van roken verdwenen zijn, toch bleef de zin ernaar hardnekkig bestaan. Zeker tijdens de afspraken met Dina kan ze het niet laten om samen ‘stiekem’ te roken. En ook tijdens gezellige avonden met vrienden verviel zij steeds in haar oude gewoonte.
Uiteindelijk kwam Mees bij mij met haar vraag te stoppen met roken. Mees heeft moeten leren dat haar bestaansangst gekoppeld is aan haar rookgedrag. Het roken is niet zomaar ‘gezellig’. Voor Mees staat het roken symbool voor erbij te horen, voor te kunnen en mogen zijn wij zij is. Roken is een verbindende factor. Mees heeft moeten leren dat ze niet verstoten wordt uit de groep als zij niet meer rookt. Haar band met Dina wordt niet verbroken wanneer zij zou stoppen met roken. Mees heeft geleerd om een oud sentiment te plaatsten waar het hoort, in het verleden. Als zij en Dina roken, is ze niet de volwassen vrouw die ze nu is maar het onzekere meisje van toen, bang niet geaccepteerd te worden en ontzettend in de war over zichzelf. Als zij een gezellige avond gaat stappen met de vrienden van de kunstacademie, heeft ze niet die sigaret nodig om de gesprekken de diepte in te laten gaan. Mees heeft geleerd dat ze niet hoeft te roken om erbij te horen. Mees is perfect om wie ze is. Mees kan stoppen met roken.
Lees ook:
Wil je hier zelf mee aan de slag?
Als dit onderwerp je raakt en je wilt ermee verder: in een sessie, workshop of retreat kijken we samen wat er speelt en welke vorm bij jou past.
Als dit onderwerp je raakt
- Individuele systemische coaching
Eén op één onderzoeken wat je tegenhoudt en welke stap passend is.
- Workshops familieopstellingen
Systemisch werk ervaren in een kleine groep, dicht bij Rotterdam.
- Retreats
Meerdaags de tijd nemen voor rust, verdieping en persoonlijke ontwikkeling.










